On this page
Het datacenter netwerk is in basis een Spine Leaf Fabric, dat aan de buitenkant zowel op laag 1, 2(Ethernet) en 3(IP) kan aansluiten maar aan de binnenkant op basis van VXLAN-verkeerstromen uit elkaar houdt. Het Spine Leaf netwerk wordt bestuurd door de Cisco Application Policy Infrastructure Controllers (APIC) (meestal 3). De APICs zijn verantwoordelijk voor de configuratie van het netwerk en de interface naar de beheerder (Webbased/ API/ CLI).
Met Cisco ACI (en andere oplossingen) kan op een schaalbare manier gebouwd worden, de kleinste oplossing is een fabric met 1 Pod, dat kan vervolgens opgeschaald worden naar meerdere Pods binnen dat fabric of naar meerdere fabrics. Het voordeel van meerdere pods in 1 fabric is dat alle services werken over het hele fabric gebruikt kunnen worden.
MultiPOD
Een spine leaf fabric kan op meerdere manieren geschaald worden, er zijn grote en kleine spine switches beschikbaar, RWS heeft gekozen voor de kleinere modellen spine switches waar ongeveer 60 leafs op een paar spines aangesloten kan worden. Het gebruik van deze switches betekend dat er meerdere spine switchparen nodig zijn om de huidige 80 leafswitches per datacenter aan te kunnen sluiten. Deze spine switches vormen dan met de aangesloten leafs een Cisco ACI POD. Er kunnen meerdere PODs aan elkaar gekoppeld worden door daartussen een gerouteerde verbinding op te zetten, een InterPod Netwerk (IPN). Deze opstelling noemt men een MultiPOD fabric. Een MultiPOD heeft 1 set van configuraties op het APIC cluster dat het MultiPOD fabric beheerd als 1 netwerk.
MultiSite
Waar MultiPOD ervoor zorgt dat een fabric verder uitgebreid kan worden binnen sommige onderdelen hetzelfde foutdomain kan met MultiSite een koppeling gemaakt worden tussen autonome fabrics. De MultiSite Orchestrator configureert dan op meerder fabrics de minimale informatie die nodig is om een vertaling van lokale endpoint naar remote endpoints te maken.
In de MultiSite Orchestrator kunnen specifieke policies gemaakt worden om Endpoints met elkaar te laten communiceren over de fabrics heen terwijl de controle gehandhaafd kan blijven.
MultiSite wordt bij RWS gebruikt tussen AM1/2 en AM4 voor het aanbieden van verbindingen voor datasynchroinisatie of volume replicatie tussen de datacenters.
Fabric Services (FW/ LB)
Fabric services zijn de services die netwerk gerelateerd zijn en per fabric bijdragen aan de veiligheid of aanpassen van verkeerstromen.
Firewall aansluitingen
Loadbalancer aansluitingen
Volgt later
Inband/ Out of Band
Het beheer van de fabric gebeurt normaal gezien inband, over interfaces van het fabric zelf, dit omdat op deze manier beheer tooling gebruik kan maken van de efficiente frontend poorten voor alle communicatie en analyse. Deze inband beheer interfaces zijn normaalgesproken altijd bereikbaar maar in geval van incidenten zou het kunnen dat een onderdeel van het fabric onbereikbaar word, daarvoor zijn alle onderdelen (switches en APICs) van het fabric ook met een management poort op een out-of-band netwerk aangesloten, hierover kan met elke verstoring de management interface bereikt worden voor torubleshooting.
Fabric Instellingen
Name | AM1/2 | AM4 | ||
|---|---|---|---|---|
Podnr | 1 (AM2) | 2 (AM1) | 1 (AM4) | 2 (AM3) |
Fabric Name | am2-aci-fabric1 | am4-aci-fabric1 | ||
TEP pools | 100.64.0.0/16 | 100.66.0.0/16 | 100.65.0.0/16 | 100.67.0.0/16 |
BD multicast address pool | 225.0.0.0/15 | 225.0.0.0/15 | 225.0.0.0/15 | 225.0.0.0/15 |
Infra VLAN ID | 3914 | |||
OOB IP-adres - gateway | 10.45.136.0/23 - 10.45.137.254 | 10.45.136.0/23 - 10.45.137.254 | ||
INB IP-adres - gateway | 10.8.10.0/24 - 10.8.10.1 | 10.9.10.0/24 - 10.9.10.1 | ||
Mirror provenance
- Mirror source
- confluence/spaces/INFRAARCH/pages/203228202/page.metadata.json
- Storage source
- confluence/spaces/INFRAARCH/pages/203228202/page.storage.xhtml
- Access
- Committed snapshot only