On this page
Dienstbeschrijving
De dienst Experimenttracking legt ML‑experimenten vast en vergelijkt resultaten over teams en omgevingen. RWS levert dit met MLflow als kerncomponent voor run‑logging, artefactopslag, metrics/parameters, model‑versies en registry. De dienst biedt een selfservice UI/API, integratie met RH OpenShift AI (RHOSAI)notebooks/pipelines, beveiligde artefactopslag en auditeerbare herleidbaarheid van resultaten.
Doel en scope
In scope: tracking van runs (metrics/params/tags), artefactbeheer (datasets, modellen, plots), Model Registry, reproducibility (conda/requirements), REST/CLI/SDK‑toegang, RBAC/SSO, audit/evidence, GitOps‑aansturing, observability/FinOps‑inzichten en (optioneel) auto‑logging uit populaire ML‑frameworks.
Niet in scope: business‑specifieke experimentportalen, licentiebeheer voor commerciële modellen, en generieke data lake functionaliteit (wel koppelbaar).
Waardepropositie
Herleidbaar & reproduceerbaar: elke run is te koppelen aan code/datasets/omgeving.
Vergelijkbaar & deelbaar: consistente metrics en modelversies met promoties DEV→TST→PRD.
Veilig & compliant: RBAC/SSO, versleuteling en audit‑sporen.
Integreerbaar: notebooks/pipelines (RHOSAI), CI/CD en KServe voor uitrol.
Dienstonderdelen
MLflow Tracking Server met backend store (SQL) en artifact store (object storage/NFS).
MLflow Model Registry met stages (Staging/Production/Archived).
UI/API/SDK voor runbeheer, vergelijkingen en registraties.
Integraties: RHOSAI notebooks/pipelines, GitOps/CI, observability/SIEM, Kostbeheer.
Beveiliging: SSO/RBAC, secretbeheer (KMS/Vault), encryptie in rust/transport.
Servicelevels (richtwaarden)
| Kenmerk | Richtwaarde |
|---|---|
| Loglatentie run‑event (P95) | ≤ 2 s |
| UI‑beschikbaarheid | ≥ 99,9% (excl. gepland onderhoud) |
| Artifact ingest throughput | ≥ 50 MB/s (referentie object store) |
| Trace/evidence retentie | ≥ 13 maanden |
Functionele Specificaties
Onderstaande eisen beschrijven wat de dienst levert. AC = acceptatiecriteria.
Platform & opslag
FS‑PLAT‑001 Tracking/registry topologie
Eis: MLflow Tracking Server en Model Registry draaien op OpenShift met HA‑profiel; backend store (bijv. PostgreSQL) en artifact store (S3‑compatibel of NFS) gescheiden.
AC: Geen dataverlies bij pod/node‑fail; RPO=0 voor metadata; artefacten immutabel opgeslagen.FS‑PLAT‑002 Versleuteling & netwerk
Eis: TLS 1.2+ in transport; encryptie at‑rest voor storage; private ingress en gecontroleerde egress.
AC: Pentest zonder kritieke bevindingen; 0 ongeautoriseerde publieke endpoints.
Runs, artefacten & vergelijkingen
FS‑RUN‑001 Run‑logging
Eis: Vastleggen van parameters, metrics, tags, artefacten (plots, modellen, datasets‑manifest) en source(commit SHA, branch, image, omgeving).
AC: 100% productie‑runs bevatten commit SHA en image‑digest; schema‑validatie in CI.FS‑RUN‑002 Vergelijking & selectie
Eis: UI/API voor runs‑vergelijking met filters (tijd, tag, dataset, codeversie) en export.
AC: Query’s P95 < 3 s op 10k runs (warme dataset); export reproducible CSV/JSON.FS‑RUN‑003 Reproducibility
Eis: Vastleggen van omgeving (conda/requirements/docker image), random seeds en hardwareprofiel.
AC: Re‑run produceert gelijkwaardig resultaat binnen tolerantie.
Model Registry & promoties
FS‑REG‑001 Versies & stages
Eis: Modellen worden geregistreerd met metadata (datasetversie, metrics, licentie, classificatie); stages Staging/Production/Archived.
AC: 100% PRD‑modellen geregistreerd; stage‑wissel gelogd met eigenaar en reden.FS‑REG‑002 Gates & policies
Eis: Gates op minimale metrics, bias/leakage‑checks en security‑scans vóór promotie.
AC: Alleen green gates mogen naar Production; evidence beschikbaar.
Integraties (RHOSAI, CI/CD, serving)
FS‑INT‑001 RHOSAI notebooks/pipelines
Eis: Auto‑logging hooks voor populaire frameworks (optioneel) en pipeline‑stappen die runs/artefacten registreren.
AC: ≥ 90% van pipelines registreert runs en artefacten; foutafhandeling aanwezig.FS‑INT‑002 GitOps/CI
Eis: Link van run/registry naar Git commit/PR; automatische changelog en release notes.
AC: Klikpad van model → commit in UI; audittrace compleet.FS‑INT‑003 Model serving (KServe)
Eis: KServe deployments gebruiken registry‑versies (digest‑gepinnd) met canary/rollback en scale‑to‑zero.
AC: 0 drift tussen gedeployde versie en registry; rollback < 2 min.
Security, privacy & governance
FS‑SEC‑001 SSO/RBAC & secrets
Eis: SSO‑authenticatie; RBAC op experimenten/registries; secrets via KMS/Vault.
AC: 0 plaintext secrets; 100% admin‑acties gelogd.FS‑SEC‑002 Supply chain & signing
Eis: Gesigneerde images en (optioneel) ondertekening van model‑artefacten; SBOM/attestaties voor images.
AC: Niet‑ondertekende images geweigerd; evidence aanwezig.FS‑SEC‑003 Dataclassificatie‑labels
Eis: Labels op datasets/modellen sturen zichtbaarheid en promoties; afdwinging via policies (OPA/ACM).
AC: 0 policy‑overtredingen in audit; labels zichtbaar in UI/API.
Observability & FinOps
FS‑OBS‑001 Telemetrie & KPI’s
Eis: Dashboards voor runs/artefacten/latency, storageverbruik, successratio en registry‑events; export naar observability/SIEM.
AC: Telemetrie‑gap < 60 s; MTTD < 5 min; retentie ≥ 13 mnd.FS‑FIN‑001 Kosten & opslag
Eis: Koppeling naar Kostbeheer voor allocatie van compute/storage per tenant/project.
AC: Maandrapport automatisch; afwijkingen >10% gemarkeerd.
Edge/disconnected
FS‑EDGE‑001 Disconnected gebruik
Eis: Lokale artifact‑caching en delayed sync; alleen whitelisted endpoints.
AC: Geen dataverlies bij 48 uur offline; veilige resync na herstel.
Roadmaps
Mijlpaal 1
Baseline MLflow: Tracking Server + backend store (SQL) + artifact store (object storage/NFS); basis‑UI, SSO‑integratie en GitOps‑paden; dashboards en auditlogging.
Integratie RHOSAI: notebooks/pipelines loggen runs/artefacten; voorbeeldtemplates en golden paths gepubliceerd.
Mijlpaal 2
Model Registry productie: promoties DEV→TST→PRD met gates (kwaliteit, bias/leakage, security); release notes en changelogs automatisch.
Auto‑logging & cross‑team reuse: framework auto‑logging waar mogelijk; standaard tags/labels; portfolio‑overzichten voor vergelijkingen.
Mijlpaal 3
Opschaling & governance: quota/levenscyclus voor artefacten; archivering/retentie; verbeterde lineage (code↔data↔model).
CI/CD‑verdieping: PR‑checks die run‑evidence afdwingen; koppeling met model‑monitoring/drift.
Mijlpaal 4
Volwassenheidsfase: self‑service registraties & promoties met policy‑optimalisatie; voorspellende opslag/compute‑planning.
Federatie: (waar toegestaan) referentie‑architecturen en deelbare templates met andere overheden.
SAK | Waarom van toepassing (kort) | ABB-Experimenttracking referentie (FS) |
|---|---|---|
Identity & Access Management v1.1 | SSO/RBAC per team/project; audit van beheeracties. | FS-SEC-001 |
Remote Access Management v1.0 | Private ingress, gecontroleerde egress; beveiligde toegang tot UI/API. | FS-PLAT-002 |
Cryptografie Management v1.1 | TLS 1.2+, encryptie at-rest; geheimen via KMS/Vault. | FS-PLAT-002, FS-SEC-001 |
Secure Software & System Lifecycle v1.0 | GitOps/CI-koppeling; trace van model/run naar commit/PR. | FS-INT-002, FS-RUN-001 |
Vulnerability Management v1.1 | Gating op security-scans vóór promotie; signed images. | FS-REG-002, FS-SEC-002 |
Technical Compliance Management v1.1 | Volledige audit/trace; retentie ≥ 13 mnd; PRD-modellen verplicht geregistreerd. | FS-REG-001, FS-OBS-001 (retentie), SL-retentie |
Security Monitoring v1.1 | Export van telemetrie/events naar observability/SIEM. | FS-OBS-001 |
Content/Privacy Management v1.1 | Dataclassificatie-labels sturen zichtbaarheid & promoties. | FS-SEC-003 |
Isolatie v1.1 | RBAC-scheiding tussen experimenten/registries; artefact-immutability. | FS-SEC-001, FS-PLAT-001 |
Disaster Recovery v1.1 | HA-profiel; RPO=0 voor metadata; rollback van serving naar registry-versie. | FS-PLAT-001, FS-INT-003 |
MK-koppelvlakken v1.1 | Integraties met RHOSAI, GitOps/CI, SIEM, Kostbeheer. | FS-INT-001/002/003, FS-OBS-001, FS-FIN-001 |
Patch & Release Management v1.1 | Versiebeheer via registry-stages; promotiegates & rollback. | FS-REG-001/002, FS-INT-003 |
Resource Optimalisatie v1.0 | FinOps-inzichten voor compute/storage van runs & artefacten. | FS-FIN-001 |
Edge/Disconnected v1.0 | Artifact-caching en vertraagde synchronisatie; whitelisted endpoints. | FS-EDGE-001 |
Landingslocaties
Waar de architectuuronderdelen landen binnen de infrastructuur, dit kan bijvoorbeeld een externe commerciële cloud zijn, een private cloud of een Rijkscloud. Hiervoor wordt de definitie in de ICT Strategie gebruikt.
Beschikbare SBBs
Een overzicht van de oplossingen die beschikbaar zijn vanuit dit ABB en de beschrijving van de diensten die daarmee worden geleverd. Vul dit in wanneer de SBBs bekend zijn.
Koppelvlakken
Interfaces en afhankelijkheden tussen verschillende architectuurelementen. Dit zijn bijvoorbeeld de protocollen die kunnen worden gebruikt door andere bouwblokken die gebruik maken van het ABB.
Afhankelijkheden
Beschrijving waar dit ABB van afhankelijk is of welke ABBs afhankelijk zijn van het ABB. Dit geldt ook voor de verschillende serviceketens. Geef dit aan met links naar de architectuur elementen.
EIRA Koppeling
Dit bouwblok is gekoppeld binnen de EIRA aan: Vul hier de EIRA koppeling in.
Een overzicht van alle relevante EIRA bouwblokken staan hier: EIRA Technology & Physical
Mirror provenance
- Mirror source
- confluence/spaces/INFRAARCH/pages/194878934/page.metadata.json
- Storage source
- confluence/spaces/INFRAARCH/pages/194878934/page.storage.xhtml
- Access
- Committed snapshot only