Confluence workbench mirror

HLD - SAS 9.4 DMA

Guarded rendering from the committed top-level `confluence/` mirror. No live source, personal data, or write action is available.

Kind
HLD
Version
52
Labels
0
Children
0
On this page
  1. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Introductie
  2. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Doel van het document
  3. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Management Samenvatting
  4. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Structuur van het document
  5. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Out of scope
  6. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Functionele Requirements
  7. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Non-Functionele Requirements
  8. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Beschikbaarheid
  9. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Capaciteit
  10. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Performance
  11. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Security
  12. Unsupported Confluence macro: anchorUnsupported macro placeholder; source behavior is intentionally inert.No displayable parameters.Systeem beperkingen


High Level Design
Business Intelligence - SAS


Datum: 28 april 2025
Versie:2.4
Status: Draft
Auteurs: Stephan Minnaert Jacky Mattioli
Eigenaar: Lead Architect CIV Platformen

 
RWS confidentieel


Versie Nummer

Datum Aanpassing

Samenvatting wijzigingen

Status

Auteur

2.4

28-apr-2025

Restante CPM referenties in plaatjes weghalen
Toevoegen beheerservers, tac-server en stepping stone

Draft

Jacky Mattioli









Inhoudsopgave


Lijst van figuren
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link


Referenties
Dit document is gebaseerd op de volgende documenten:

  1. RWS, "Technisch Doel Architectuur 20140903 Volume 3 Systeemontwerp R3.1", v1.0, 01-sep-2014
  2. RWS, "Technisch Ontwerp RCA", PA3, 21-feb-2011
  3. RWS, "i-Strategie 2.0 Rijkswaterstaat verbindt", jun-2019
  4. RWS, "Logische Enterprise Datawarehouse", 20-aug-2015
  5. RWS, "Doelarchitectuur Platformen_roadmap", 31-aug-2015
  6. CBP, "De meldplicht datalekken in de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)", 09-dec-2015
  7. RWS, "Domein Architectuur Platformen", v1.0, 25-jan-2019
  8. Wikipedia, "https://en.wikipedia.org/wiki/MoSCoW_method", April 2019
  9. Damhof, "Het datakwadranten model – interview", 2016
  10. SAS, "SAS 9.4 - System Administration Guide", 2015 - 2023
  11. SAS, "SAS 9.4 Intelligence Platform - Web Application Administration Guide", 2013 - 2023
  12. SAS, "Technical Architecture for Rijkswaterstaat", V1.6, 2015
  13. RWS, "Programma mandaat Centraal Toegangspunt Data 1.0 definitief", v1.0, mei-2019

Introductie

Doel van het document

Het doel van dit document is het beschrijven van 'architectural solution baseline' voor de infrastructuur voor het Business Intelligence - SAS 9.4 van Rijkwaterstaat. De beschreven oplossing bevat voldoende informatie voor het maken van het detailed design, het implementatie plan, etc.

Management Samenvatting


Figuur 1: Parallelle paden voor ontwikkeling volgens het kwadrant van R. Damhof [9]


Productie kan gezien worden als kwadrant 1 en 2, waarbij de feiten een data kwaliteitsstempel hebben en gecontroleerd ter beschikking kunnen worden gesteld aan gebruikers/applicaties (kwadrant 1) en met tools gevisualiseerd kunnen worden naar (eind) gebruikers (kwadrant 2). Onbekende, nog niet beschreven datastreams kunnen in projecten geanalyseerd worden en opgebouwd worden of nieuwe rapportages/data inzichten kunnen worden onderzocht in kwadrant 4 en kan gezien worden als de ontwikkel/test omgevingen. Kwadrant 3 kan eigenlijk het beste gezien worden als Silos of ad hoc ongecontroleerde data (databronnen die niet onder gouvernance staan).
Business intelligence tools als beschreven in dit document leveren niet alleen de middelen om de data te kunnen analyseren, maar ook voor de opbouw en levering voor productie omgevingen. Tevens kunnen de tools gebruikt worden voor analyses en ontwikkeling van nieuwe trajecten in en over verschillende kwadranten heen. Business tools zijn dus inzetbaar over een gehele Ontwikkel, Test, Acceptatie en Productie (OTAP) traject.

Structuur van het document

Hoofdstuk 2 beschrijft de functionele requirements en de standaarden noodzakelijk voor de componenten 'solution building blocks (SBB)' in scope van dit document.
Hoofdstuk 3 beschrijft de non-functionele requirements. Deze geven de randvoorwaarden aan waaraan het system moet voldoen, zoals de gevraagde service levels voor de systemen, de eigenschappen van het systeem en de beperkingen die waaraan het systeem (of delen van het systeem) moet voldoen.
Hoofdstuk 4 geeft een logisch overzicht en beschrijft de ontwerp besluiten ('architectural decisions') die gebruikt zijn bij het ontwerp van de oplossing.
Hoofdstuk 5 beschrijft het fysiek ontwerp van de oplossing.
Hoofdstuk 6 bevat de risico's, aanbevelingen en issues die van invloed kunnen zijn voor de oplossing.

Out of scope

De werkplek omgeving van de gebruiker is geen onderdeel van de scope van dit document. Enterprise Guide wordt wel beschikbaar gesteld op de werkplek omgeving (KA desktop) van de gebruiker.
Nieuwe terminal servers en bestaande en nieuwe Datasources worden (ook) ingezet voor de nieuwe omgeving.
SAS Viya clusters en daarmee dus ook Visual en Advanced Analytics. (zie HLD - Business Intelligence and Analytics - SAS Viya vx.x).

Functionele Requirements


ID

MoSCoW

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

FR-BI-01

Must Have

Data Governance

Om de bekendheid, de bereikbaarheid en de bruikbaarheid van data te vergroten en om vraag en aanbod bij elkaar te brengen, dient data governance te worden toegepast

Ja/nee/deels
Voor verschillende projecten wordt de gebuikte data wel in beeld gebracht, maar dit wordt vaak niet generiek gedaan. Het gebruik van een generiek platform levert wel de mogelijkheid om uniform te kunnen werken.

FR-BI-02

Must Have

Eén loket voor data: Databroker functie

Er moet één loket komen, waar eigenaren van data (bronhouders) hun data naartoe brengen en waar gebruikers hun data vandaan halen.

Ja/nee/deels nvt
RWS Generieke productie data moet via het CTD worden ontsloten (geen onderdeel van SAS; SAS is een tool die daarbij gebruikt kan worden)

FR-BI-03

Must Have

Schaalbare oplossing

De omgeving moet kunnen inspelen op een toenemende vraag en aanbod van data en moet toekomst vast worden neergezet.

Ja/nee/deels
De omgeving is onder architectuur schaalbaar opgezet (dit HLD)

FR-BI-04

Must Have

Flexibele toegang tot gegevens

De data moet op flexibele manieren worden ontsloten (gebruik van verschillende media als web, mobile devices)

Ja/nee/deels
Binnen RWS kunnen zowel de webtier als SAS apps gebruikt worden. Voor ontsluiting naar tweeden wordt RWS IAM broker (ADFS) gebruikt. Toegang derden wordt niet toegestaan in de huidige SAS licentie.

FR-BI-05

Must Have

Open Data beleid

'Open data' moet beschikbaar komen/zijn voor (externe, niet RWS) gebruikers.

Ja/nee/deels
Datatoegang via SAS wordt geregeld via de SAS Metadata-servers. Open data kan beschikbaar worden gesteld. De classificatie van de data wordt niet door de BI-tooling bepaald, maar door de business. Binnen de intake wordt de vraag wel gesteld, maar wordt er niet altijd een tag toegevoegd aan de data. Moet een standaard onderdeel worden van het CTD.

FR-BI-06

Must Have

Duurzame Toegankelijkheid

Gegevens moeten (gaan) voldoen aan duurzame toegankelijkheid waarbij naast toegankelijkheid tot (archief) gegevens tevens het beleid tot bewaartermijnen, vernietiging en overdracht moet worden gevolgd.

Ja/nee/deels
SAS heeft (ETL) tools om dit te kunnen doen. Tijdens de intakes/projecten zal dit vaste vraag moeten zijn.

FR-BI-07

Should Have

Innovatie Lab

Er is behoefte aan een demonstratie- en experimenteerruimte voor innovatieve IV. Er komen regelmatig verzoeken om innovatieve IV te presenteren of uit te proberen. Daartoe is een IV-brede faciliteit met een flexibele inrichting noodzakelijk, waarin proeven, analyses en demonstraties kunnen worden uitgevoerd.

Ja/nee/deels
SAS is een tool die gebruikt kan worden voor o.a demo's, maar levert niet de faciliteit zelf. Er is wel een test omgeving beschikbaar die ,onder andere door het innovatie lab, gebruikt kan worden voor ontwikkeling en demo's.

Tijdens het ontwikkelproject van het BI-Platform is besloten om geen onafhankelijke omgeving neer te zetten (er is dan noodzaak om alle relevante systemen in zo'n innovatielab op te zetten; dit gaat veel verder dan een BI-platform alleen)

FR-BI-08

Must Have

Rijkswaterstaat brede uitrol met fail-over

Vanuit IRN is aangegeven dat de scope van de omgeving moet worden uitgebreid tot een RWS brede omgeving die hoog beschikbaar moet zijn en waarbij failover functionaliteit wordt geboden.

Ja/nee/deels
Zie 3.1


Non-Functionele Requirements

Dit hoofdstuk beschrijft de non-functionele requirements waaraan het system moet voldoen. Deze geven de randvoorwaarden aan waaraan het system moet voldoen, zoals de gevraagde service levels voor de systemen, de eigenschappen van het systeem en de beperkingen waaraan het systeem (of delen van het systeem) moet voldoen.
De requirements worden onderverdeeld in Service Level Requirements (Run-time requirements), Non- run time requirements en beperkingen
Deze paragraaf beschrijft de voorwaarden waaraan de systemen aan moeten voldoen (beschikbaarheid,capaciteit, performance, security, operational en Back-up en Recovery). De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have)

Beschikbaarheid

Binnen een datacenter worden de VMWare services door VMHA hoog beschikbaar gemaakt. De non-productie (OTA) omgeving wordt opgebouwd in het andere datacenter ten opzichte van de productie omgeving. De resources van de OTA omgeving zullen zodanig worden afgestemd dat in geval van een Productie Datacenter failure, de resources van OTA gebruikt worden om productie te hosten. De resources van de OTA worden, in geval van een datacenter failure, gebruikt om productie te activeren op het andere datacenter. De data van productie wordt in beide datacenters opgeslagen.

 
Tabel 2: Beschikbaarheid

ID

MoSCoW

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

BE-BI-01

Must Have

Service Level Productie: Hoog beschikbaar

Hoog beschikbaarheid.
<ac:structured-macro ac:name="unmigrated-wiki-markup" ac:schema-version="1" ac:macro-id="91453f04-9549-4e49-b500-d6806c1594c2"><ac:plain-text-body><![CDATA[Volgens de technisch Doel Architectuur (zie referentie [1]) moet een hoog beschikbare omgeving voldoen aan de volgende requirements:
]]></ac:plain-text-body></ac:structured-macro>

  • 99,5% beschikbaarheid
  • Dubbele aansluiting met dubbele apparatuur

Ja/nee/deels
Dit is niet uitgevoerd. Het was ooit de bedoeling dat de OTA en P op verschillende fysieke locaties zouden komen, maar dit is nooit uitgewerkt. (A zou backup zijn voor P).
Er zijn geen dubbele machines.

BE-BI-02

Must Have

Service Level Non-productie: standaard beschikbaar

Standaard beschikbaarheid.
<ac:structured-macro ac:name="unmigrated-wiki-markup" ac:schema-version="1" ac:macro-id="f11888c5-f9d7-451a-bcbf-bb1a89a60039"><ac:plain-text-body><![CDATA[Volgens de technisch Doel Architectuur (zie referentie [1]) moet een standaard beschikbare omgeving voldoen aan de volgende requirements:
]]></ac:plain-text-body></ac:structured-macro>

  • 99,5% Standaard beschikbaarheid
  • Enkelvoudige aansluiting

Ja/nee/deels
Zie dit HLD

Capaciteit


ID

MoSCoW

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

CA-BI-01

Must Have

Metadata Server: Aangeraden capaciteit 4 cores, 16 GB mem voor productie

Er is gekeken naar de minimale server capaciteit voorgeschreven voor een distributed SAS omgeving.

Voor hoog beschikbaarheid kunnen metadata servers in geclusterde vorm worden uitgerold. Minimum 3 servers bij gebruik van cluster configuratie.

Ja/nee/deels
Zie dit BI_002, BI_007

CA-BI-02

Must Have

MidTier (Web): Aangeraden capaciteit 4 cores, 32 GB mem voor productie

Er is gekeken naar de minimale server capaciteit voorgeschreven voor een distributed SAS omgeving.

Voor productie worden 2 Midtier servers uitgerold (uitbreidbaar); loadbalanced.

Ja/nee/deels
Zie dit HLD

CA-BI-04

Must Have

Grid/Compute: Aangeraden (minimum) capaciteit 8 cores, 64 GB mem voor productie

Er is gekeken naar de minimale server capaciteit voorgeschreven voor een distributed SAS omgeving.

Voor grid computing is een minimum van 2 á 3 servers noodzakelijk. Compute nodes kunnen per server.

Ja/nee/deels
Zie dit HLD

Voor de non-productie omgevingen worden servers met lagere capaciteit gebruikt. Dit is overlegd met de leverancier.

Performance

Niet gespecificeerd. De ervaring mag niet langzamer zijn dan de eerste Sas omgeving, maar hier zijn geen getallen voor gespecificeerd. De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have)
Tabel 4: Perfomance … Performance testen opgesteld samen met Robert Spaans hier toevoegen zodra ze beschikbaar zijn

ID

Essentieel

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

Pe-BI-01

Ja/Nee



Ja/nee/deels
<verwijzing/
uitleg>
















Security

De data binnen het BI-platform bevat naast 'open data' ook gevoelige data. Beveiligingsmaatregels moeten van toepassing zijn (BIR/BIO-compliancy). De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have).
Tabel 5: Security

ID

MoSCoW

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

SE-BI-01

Must Have

Open data gescheiden van gesloten data.

Het SAS platform voorziet in data die ook gebruikt kunnen worden door derden. Het is noodzakelijk open data en gesloten data gescheiden te houden.

Ja/nee/deels
De SAS servers zijn ingericht met een gesloten data deel en een opendeel (zie security documenten voor SAS bij de beheer documentatie)

SE-BI-02

Must Have

Beveiliging van gevoelige/gesloten data.

Gevoelige data mag alleen aan geautoriseerde personen/instanties worden vrijgegeven.

Ja/nee/deels

  • Communicatie naar 'buiten' gaat met beveiligde verbindingen via het integratie platform
  • Authenticatie/Autorisatie is ingericht op de systemen

SE-BI-03

Must Have

Security logging beschikbaar

Toegang tot de systemen moet gecontroleerd en logging moet zijn ingeregeld

Ja/nee/deels

  • Er wordt gebruik gemaakt van RWS hardened servers. Toegangs-monitoring is een standaard setting.
  • Toegang tot de (SAS) applicaties is ingeregeld via de metadata servers.



Operationeel

De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have).
Tabel 6: Operationeel

ID

MoSCoW

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

OP-BI-01

Must Have

Security logging

Toegang tot de systemen moet worden gelogged (bijvoorbeeld failed login pogingen, laatste succesvolle login)

Ja/nee/deels
Er wordt gebruik gemaakt van RWS standaard building blocks (BIR/BIO compliant)

OP-BI-02

Must Have

Applicatie logging

Toegang tot de SAS applicaties moet worden gelogged

Ja/nee/deels
Toegang tot SAS applicaties is ingeregeld via de SAS metadata server. De gegevens hiervan worden gelogged.

OP-BI-03

Must Have

RWS Managed Servers

Standaardisatie en eenvoud in beheer/update mechanismen

Ja/nee/deels
Er wordt gebruik gemaakt van RWS managed en hardened servers.

OP-BI-03

Should Have

SAS applicaties in 'straten' inrichten

SAS applicaties hebben verschillende lifecycles. Groepering van relevante applicaties vereenvoudigd beheer en verminderd impact op de business

Ja/nee/deels
Zie dit HLD








Back-up en Recovery

De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have).
Tabel 7: Backup en Recovery

ID

Essentieel

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

BR-BI-01

Must Have

Veiligstellen gegevens SAS applicaties en SAS data

SAS heeft een backup and recovery methode waarbij de metadata servers gebruikt wordt voor opslag van cruciale gegevens van SAS.

Ja/nee/deels
SAS backup en recovery gebruiken voor SAS gegevens (metadata, content server en WIP database). Daarnaast de servers zelf in de standaard Backup procedure van RWS (Managed servers met standaard backup dienst). Data van applicaties wordt middels een standaard server backup geregeld.

BR-BI-02

Must Have

Veiligstellen van data

De database gegevens en bronnen dienen beschikbaar te zijn en worden veiliggesteld

Ja/nee/deels
Opbouw van rapportages, etc moet ten alle tijden opnieuw uitgevoerd kunnen worden vanaf de brondata. Het veiligstellen van de gegevens om rapportages, etc opnieuw op te bouwen moeten onderdeel zijn van het ontwikkeltraject van de applicatie/rapportage. Maar dit is niet specifiek een BI-platform zaak. (bronnen kunnen of veilig worden gesteld in de database(s) van of de bron of van de Big Data Suite.)



Non Run-Time Requirements

De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have).
Tabel 8: Non Run-Time requirements

ID

MoSCoW

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

NR-BI-01

Must Have

Life-cycle en patch management

De systemen moeten voldoen aan de laatste (security) patches en life-cycle moet zijn ingericht

Ja/nee/deels
Er wordt gebruik gemaakt van RWS managed servers. Deze zitten in het standaard update/patch proces.
Voor de software van SAS zelf worden security patches uitgerold. Het proces is nu middels Ansible en GIT ingericht om het hele proces makkelijker te maken. De nieuwe omgeving wordt uitgerold met de nieuwste SAS 9.4 M8 software.

NR-BI-02

Must have

Schaalbaarheid

Zie :Unsupported Confluence link: FR-BI-03. Dit requirement is bij functional requirements beschreven.

Ja/nee/deels
Zie: Unsupported Confluence link: FR-BI-03

NR-BI-03

Must Have

Disaster Recovery

Zie: Unsupported Confluence link: FR-BI-08

Ja/nee/deels






Systeem beperkingen

Beperking vanuit de Business

De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have).
Tabel 9: Beperkingen vanuit de business

ID

MoSCoW

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

BUS-BI-01

Must Have

RWS keuze voor BI-Platform: SAS

RWS heeft een Enterprise License Agreement (ELA) voor SAS. Deze dient te worden gebruikt. De keuze voor SAS is hiermee vastgelegd.

Ja/nee/deels
Dit document beschrijft het High Level Design gebaseerd op SAS software.






Technische standaarden

De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have).
Tabel 10: Technische standaarden

ID

MoSCoW

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

TES-BI-01

Must Have

Riva producten

Riva producten dienen te worden gebruikt in de oplossing indien deze van toepassing zijn.

Ja/nee/deels
Servers die gebruikt worden zijn standaard RWS hardenend en managed servers.

TES-BI-02

Must Have

BIR/BIO compliancy

De omgeving moet BIR (Baseline Informatiebeveiliging Rijksdienst) compliant zijn of BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid) compliant zijn.

Ja/nee/deels
BIR traject is gevolgd en security heeft een in control verklaring afgegeven.
CIVVV heeft een securitytest uitgevoerd en de bevindingen zijn aangepakt/opgelost.
Zodra de geldigheidstermijn van de BIR compliancy vervalt zal de nieuwe BIO traject worden gevolgd.

Technische beperkingen

De requirements zijn ingedeeld volgens het MoSCoW principe (Must Have, Should Have, Could Have, Would have).
Tabel 11: Technische beperkingen

ID

MoSCow

Omschrijving

Motivatie

Voldaan

TEC-BI-01

Must Have

Minimum system configuraties (CPU/Memory)

Er worden door de leverancier minimum requirements afgegeven waaraan het systeem minimaal moeten voldoen om succesvol te kunnen implementeren

Ja/nee/deels
In dit HLD beschreven

TEC-BI-02

Must have

SAS distributed omgeving eisen

Voor een distributed omgeving zijn er ook minimum server aantallen nodig.

Ja/nee/deels
In dit HLD beschreven. De servers worden tevens als architectuur building block voor het platform gedefinieerd.

TEC-BI-03

Must have

Shared disks

Om geïntegreerd te kunnen werken over de verschillende SAS-Straten, dient er gebruikt gemaakt te worden van shared disks voor de clusters/straten.

Ja/nee/deels
In dit HLD beschreven.

Logisch ontwerp

Dit hoofdstuk beschrijft de grote lijnen (het high level design) voor het SAS - Business Intelligence platform (SAS 9.4) van RWS. Het geeft de toekomstige situatie weer en beschrijft de besluiten die gebruikt zijn om tot de aangeven oplossing te komen.
De oplossing geldt voor zowel de short term als de mid-long term oplossing. Het grote verschil tussen de short en mid-long term is de manier waarop de data beschikbaar wordt gesteld voor verschillende doeleinden:
Op de korte termijn wordt gebruik gemaakt van de data zoals deze op het moment bij het huidige systeem in gebruik is. Data en datasets worden op dit moment opgeslagen in o.a. Oracle databases en in SAS Datasets. De laatste worden op de SAS omgeving opgeslagen en niet in de database. Zware adhoc analyses en de advanced analytics (self service) mogelijkheden van SAS zijn verhuisd naar de SAS Viya platform.
Huidige koppelingen naar de data zullen in de short term worden gekopieerd en worden gebruikt bij de nieuwe omgeving. Voor beheer en toegang wordt gebruik gemaakt van nieuwe beheer servers in dc1.5 en clients worden beschikbaar gesteld op de KA desktop. Blijk het niet mogelijk om een of meerdere van de clients op de KA desktop uit te rollen, zal er met Infra overlegd worden om die clients dan toch op TAC servers (terminal servers) beschikbaar te maken.
Oracle is het prefered database platform voor SAS.
De geclusterde SAS systemen hebben shared disks nodig voor o.a. SAS configuraties, gedeelde projecten, en de SAS Grid werkzaamheden.
De nieuwe SAS omgeving wordt als managed omgeving opgezet. Dit sluit het beste aan om zoveel mogelijk volgens de RWS standaarden te werken.

Referentie tabel: Ontwerp besluiten
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link
Unsupported Confluence link

SBB-BI-01 - Business Intelligence - SAS

Architectuur Overzicht

IT System Level

Het architectuur overzicht geeft een illustratie van de hoofdlijnen van de voorgestelde oplossing en bevat tevens een overzicht van de belangrijkste bouwcomponenten. Aantallen van servers, etc. zijn in dit overzicht niet weergeven. Het geeft de essentie van de oplossing weer.

 

Figuur 2: Architectuur overzicht voor SAS Business Intelligence Platform

Belangrijkste componenten

Deze paragraaf beschrijft de belangrijkste architectuur componenten op system niveau:

  • Een Productie, Acceptatie, Test, Ontwikkel en Sandbox omgeving
  • 3-tier setup: web, applicatie en database
  • Ansible & GIT
  • Virtuele servers
  • Managed server setup
  • Omgeving opgezet voor hoge performance/beschikbaarheid en groei


Data classificatie


System Context Diagram

Het system context diagram geeft het totale systeem weer als één entiteit en geeft de verbindingen naar externe entiteiten weer. Dit is met name relevant als koppelingen met actoren of systemen nader gedetailleerd moeten worden.
De lijst is niet uitputtend. Er komen regelmatig nieuwe koppelingen bij.

Context Diagram: DMA-BI

Externe Entiteiten van BI

Deze paragraaf beschrijft de karakteristieken van de boven aangegeven koppelingen.

GEO

Beschrijving

Informatie systemen voor GIS (Geografische Informatie Systemen) en GIV (Geografische Informatie Voorziening).

Type

Web services of API

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers

Niet bekend

Aantal transacties

Niet bekend

Frequentie van de transacties

Frequent; meerdere keren per dag

Hoeveelheid data

Niet bekend; varieert afhankelijk van de toepassing die de data gebruikt.

Toegepaste security

Rol Based Access (RBAC); gebruik van AD / System user (applicaties)


Mendix Applicaties

Beschrijving

Mendix is een ontwikkelplatform voor apps voor de verschillende platformen en ontsluit diverse databronnen. Het gaat om applicaties die gebouwd zijn mbv Mendix en een connectie moeten maken naar het SAS platform.

Type

HTTP(s) voor gebruikers. Type Connectie van Mendix naar de onderliggende lagen is op het moment niet bekend (maar geprefereerd is API gebaseerd).

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers

Gebruikers van de Mendix applicaties die naar SAS moet. Aantal is niet bekend.

Aantal transacties

Niet bekend

Frequentie van de transacties

Niet bekend

Hoeveelheid data

Niet bekend; varieert afhankelijk van de toepassing die de data gebruikt.

Toegepaste security

Rol Based Access (RBAC); gebruik van AD / System user (voor applicaties)


APEX Applicaties

Beschrijving

Applicaties die dmv APEX gebruik maken van de data die (ook) voor het SAS platform gebruik wordt. Er zijn op het moment een 12-tal APEX applicaties bekend: RWS Beheer, Dashboard, MADRAS, NISTIPS, NIS Beheer, DVM, RUPS, VIAS

Type

APEX, In database code

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers

Batchuser(s), waarschijnlijk minimaal 1 per APEX applicatie

Aantal transacties

Niet bekend

Frequentie van de transacties

Niet bekend

Hoeveelheid data

Niet bekend; varieert afhankelijk van de toepassing die de data gebruikt.

Toegepaste security

Rol Based Access (RBAC).

Postgres / Oracle / MySql

Beschrijving

Database ter ontsluiting van gegevens

Type

ODBC

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers

SAS Batchuser(s)

Aantal transacties

Niet bekend

Frequentie van de transacties

Niet bekend

Hoeveelheid data

Niet bekend

Toegepaste security

Batch user/ system user; Roll Based Access

BigData Platform

Beschrijving

Gegevensuitwisseling tussen SAS applicaties en de RWS Big Data Suite

Type

API of DB connecties (JDBC/ODBC) of webservices HTTPS (Secure connecties)

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers

SAS Batchuser(s)

Aantal transacties

Afhankelijk van de applicatie

Frequentie van de transacties

Afhankelijk van de applicatie

Hoeveelheid data

Afhankelijk van de applicatie

Toegepaste security

Roll Based Access

ESB

Beschrijving

Enterprise Service Bus – uitwisseling van data met externe bronnen

Type

ODBC / webservice / SFTP

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers

Batchuser ?

Aantal transacties

Niet bekend

Frequentie van de transacties

Niet bekend

Hoeveelheid data

Niet bekend

Toegepaste security

Afhankelijk van applicatie

LIMS

Beschrijving

Aanlevering van gegevens voor de laboratoria

Type

FTP

Eigenaar

?

Aantal gebruikers

Niet bekend

Aantal transacties

Niet bekend

Frequentie van de transacties

Niet bekend

Hoeveelheid data

Niet bekend

Toegepaste security


Active Directory (AD)

Beschrijving

Beheer van rechten en instellingen in het RWS netwerk

Type

LDAP, DNS, Kerberos

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers


Aantal transacties


Frequentie van de transacties

Continu

Hoeveelheid data


Toegepaste security



SAP

Beschrijving

Financiële gegevens vanuit het I&W SAP ten behoeve van advanced analyses en reporting voor bedrijfsvoering en AoA

Type

Batchgewijs overhalen van data; FTP?

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers

Batch proces; functionele user

Aantal transacties

Niet bekend

Frequentie van de transacties

1 x dag (momenteel)

Hoeveelheid data

Niet bekend

Toegepaste security

RBAC


SAS_Admin (installer account)

Beschrijving

Beheerders van het SAS platform

Type

ssh connectie over port 22

Eigenaar

RWS

Aantal gebruikers

<20

Aantal transacties

Niet van toepassing

Frequentie van de transacties

Niet van toepassing

Hoeveelheid data

Niet van toepassing

Toegepaste security

RBAC




Ontwerp beslissingen

Ontwerp besluit OB-BI-001: Distributed SAS omgeving voor Productie en Acceptatie

ID

BI-001

Aandachtsgebied

Implementatie

Status

Open/genomen/vervallen

Onderwerp

Beschikbaarheid

Ontwerp besluit

Het Platform wordt als 'SAS Distributed Environment' uitgerold

Probleem Omschrijving

Het SAS platform moet makkelijk uit te breiden zijn en goede performance hebben. Ook moet het platform geschikt zijn om een hoog beschikbaar SLA aan te kunnen.

Aannames

Geen

Motivatie

Zo efficiënt mogelijk een omgeving creëren die tevens makkelijk kan worden uitgebreid indien noodzakelijk

Opties

  1. Distributed SAS omgeving
  2. Non-Distributed SAS omgeving

Onderbouwing genomen besluit

Bij Keuze 2 wordt alles op 1 omgeving geïnstalleerd. Schaalbaarheid is beperkt tot de capaciteit van de server. Tevens is deze optie niet uit te breiden naar een hoog beschikbare vorm. De Non-distributed SAS omgeving is bij uitstek geschikt voor een Sandbox omgeving.

Keuze 1 is gekozen, omdat deze oplossing de best schaalbare oplossing is, die tevens een hoge performance mogelijk maakt en daarnaast relatief makkelijk uit te breiden is naar een hoog beschikbare omgeving (indien noodzakelijk).

Gevolgen besluit

Een Distributed SAS omgeving heeft een minimale configuratie set en heeft dus een minimum set van (virtuele) servers nodig.

Afgeleide requirements

Geen

Gerelateerde OB's

Unsupported Confluence link, Unsupported Confluence link


Ontwerp besluit OB-BI-002: SAS processen in functionaliteitsgroepen opdelen

ID

BI-002

Aandachtsgebied

Implementatie

Status

Open/genomen/vervallen

Onderwerp

Beschikbaarheid

Ontwerp besluit

Voor efficiënt gebruik van SAS, worden processen gescheiden in functionaliteitsgroepen: Advanced datamanagement

Probleem Omschrijving

Sas heeft verschillende groeperingen van functionaliteit. Life cycle en verwachte groei zijn niet gelijk van de verschillende onderdelen. Wat is de beste keuze om scheiding toe te passen?

Aannames


Motivatie

Zo efficiënt mogelijk met resources omgaan, die tevens makkelijk kunnen worden aangepast met relatief lage impact voor de gebruiker.

Opties

  1. Batch en EG gescheiden houden van elkaar
  2. Batch en EG niet gescheiden van elkaar

Onderbouwing genomen besluit

Keuze 1 is gekozen, omdat deze oplossing de best schaalbare oplossing is, die tevens een hoge performance mogelijk maakt en daarnaast relatief makkelijk uit te breiden is naar een hoog beschikbare omgeving (indien noodzakelijk).

Gevolgen besluit


Afgeleide requirements

Geen

Gerelateerde OB's

Unsupported Confluence link, Unsupported Confluence link



Ontwerp besluit OB-BI-003: SAS Grid Computing voor DMA-BI

ID

BI-003

Aandachtsgebied

Implementatie

Status

Open/genomen/vervallen

Onderwerp

Beschikbaarheid

Ontwerp besluit

Grid computing (geclusterde omgeving) wordt toegepast voor de DMA-BI domeinen.

Probleem Omschrijving

De omgeving kan op verschillende wijze worden opgezet.

Aannames

Geen

Motivatie

Er moet een schaalbare omgeving komen met een hoge performance. Tevens moet het mogelijk zijn om de omgeving naar een high available oplossing te kunnen omzetten.

Opties

  1. Gebruik de SAS Grid Computing (geclusterde omgeving)
  2. Gebruik een geclusterde omgeving zonder SAS Grid
  3. Gebruik een loadbalanced oplossing
  4. Creëer een totale copy van de omgeving met een synchronisatie methode

Onderbouwing genomen besluit

Keuze 1 levert de mogelijkheid om verschillende jobs te schedulen over verschillende nodes binnen het cluster. Daarnaast heeft een Grid setup extra mogelijkheden tov een geclusterd systeem zonder Grid.
Keuze 2 lijkt op keuze 1, maar levert minder flexibele scheduling mogelijkheden voor het schedulen van jobs over verschillende nodes binnen het cluster.
Keuze 3 kan goed gebruikt worden voor de web facing kant, maar kan niet (goed) worden toegepast voor de overige servers in het landschap. Optie 2 voldoet dus niet
Keuze 4 vergt meer servers en is beheer technisch (veel) lastiger te doen, ook als het eea vanuit SAS uitgevoerd kan worden. Het verdient niet de aanbeveling deze optie te kiezen.

Keuze 1 is gekozen, omdat deze oplossing de meest efficiënte mogelijkheden bied voor de verscheidenheid aan jobs die het huidige platform al heeft en die ook in de toekomst zullen toenemen. De nodes worden dan het meest efficiënt gebruikt.

Gevolgen besluit

Het gebruik van SAS Grid heeft wel een minimale configuratie nodig en heeft dus een vaste minimale server set nodig. Zie ook issues in H7.

Afgeleide requirements

Geen

Gerelateerde OB's

Unsupported Confluence link, Unsupported Confluence link



Ontwerp besluit OB-BI-004: Internet facing verbindingen lopen via de centrale ESB

ID

BI-005

Aandachtsgebied

Implementatie

Status

Open/genomen/vervallen

Onderwerp

Installatie

Ontwerp besluit

Voor o.a beveiliging, dient connectie van buiten naar binnen (en van binnen naar buiten) via de centrale ESB te lopen.

Probleem Omschrijving

Toegang voor derden moet gereguleerd worden ter beveiliging van RWS.

Aannames

Geen

Motivatie

De functionaliteit moet beschikbaar zijn om aan 3e partijen te kunnen leveren (wordt op het huidige platform ook al gedaan)

Opties

  1. Gebruik de centrale ESB om data transport van 'buiten' naar binnen te krijgen en omgekeerd.
  2. Gebruik een eigen Webserver in secure zone achter de (reverse) proxy
  3. Direct naar buiten.

Onderbouwing genomen besluit

Optie 1 is gekozen.
Connecties naar buiten (buiten RWS datacenter) moet beveiligd zijn. Daartoe moet een webserver minimaal achter de (reverse) proxy worden geplaatst. Er is een centrale ESB ontwikkeld voor koppelingen tussen internet en het RWS netwerk. Deze dient gebruikt te worden.

Gevolgen besluit

Routes moeten via de centrale ESB lopen

Afgeleide requirements

Geen

Gerelateerde OB's

Geen



Ontwerp besluit OB-BI-005: Servers worden opgezet als managed

ID

BI-010

Aandachtsgebied

Implementatie

Status

Open/genomen/vervallen/

Onderwerp

Beheer

Ontwerp besluit

De SAS servers worden opgezet als managed servers.

Probleem Omschrijving

RWS heeft verschillende 'smaken' mbt tot beheer van de servers: Managed en Un-managed (on your own)

Aannames

Niet van toepassing.

Motivatie

Managed servers legt in principe het beheer van OS bij de juiste partij.

Opties

  1. Managed servers
  2. Un-managed servers

Onderbouwing genomen besluit

Keuze 1 is gekozen.

Bij Keuze 1 wordt patching en beheer van de OS gedaan door die partij met de juiste kennis. Nadeel is soms dat voor beheer van de applicaties lastig te doen is doordat de mogelijkheden te beperkt zijn.

Voor Keuze 2 heeft applicatief beheer total control, maar is er geen uniform beheer van bv het OS. Hierdoor kunnen zaken anders worden ingericht dan bv BIO aanbevolen normen.

Gevolgen besluit

Tijdens de installatie wordt gewerkt om alles zo op te zetten dat de systemen onder managed kunnen worden uitgerold. Er geld een managed server, tenzij beleid.

Afgeleide requirements

Geen

Gerelateerde OB's

Geen



Logisch Model

Deze paragraaf beschrijft de belangrijkste componenten waaruit de oplossing is opgebouwd.

Figuur 3: Logisch Model voor DMA-BI

Technology layer

Het fysieke ontwerp beschrijft de fysiek technische aspecten van de oplossing. Het geeft weer hoe de logische componenten beschreven in het logisch ontwerp technisch opgezet zijn en/of geplaatst worden op fysieke componenten/bouwstenen/nodes in de infrastructuur.

Technologie ontwerp per omgeving

Beheerservers, TAC-server en Stepping Stone

Details Beheerservers

Deze paragraaf beschrijft de details van de beheerservers. Alleen beheerders hebben toegang tot deze servers, geen ontwikkelaars of eindgebruikers.
Op de beheerservers zijn SAS Clients geïnstalleerd en ook tools als MobaXterm en SQLDeveloper en Lens, waarmee de beheerders de SAS omgevingen beheren, monitoren en onderhouden.

Server

Aantal Servers

Functie

Type

OS

#vCPU

vRAM (GB)

Storage GB








System

Beheerserver

2

Beheren, monitoren en instandhouden omgevingen + toegang tot Linux servers, Ansible en ansible yamls in Gitlab + toegang tot alle SAS Clients en andere beheer tools

VM

Windows

4
2

32
 4

C:\   90
D:\ 100
C:\   50
D:\   50


Details TAC-server

Deze paragraaf beschrijft de details van de TAC-server die door de ontwikkelaars gebruik worden voor SAS Clients en andere tools die nodig zijn voor ontwikkelwerkzaamheden en niet op de Citrix desktop beschikbaar zijn.

Server

Aantal Servers

Functie

Type

OS

#vCPU

vRAM (GB)

Storage GB








System

TAC-server

1

Toegang voor ontwikkelaars tot SAS clients en DB tools die niet via Citrix beschikbaar gemaakt kunnen worden

VM

Windows

4

48

C:\  50
D:\  20


Details Stepping Stone

Deze paragraaf beschrijft de details van de Stepping Stone server waarop de beheerders en ontwikkelaars eerst moet inloggen voordat ze van daar kunnen gaan naar de Beheerservers of de TAC-server. Er zijn verder geen andere applicaties of tooling beschikbaar voor gebruik op de Stepping Stone.

Server

Aantal Servers

Functie

Type

OS






Stepping Stone

1

Toegang tot Beheer- en TAC-servers

VM

Windows

Technology Model – Productie



Figuur 4: Technologie model voor productie

Details Technologie Nodes - Productie


Technologie Node

Aantal Nodes

Functie

Type

OS

#vCPU

vRAM (GB)

Storage in GB








System

saswork / aatwork

NFS Share

SAS Web-Tier

1

SAS Middle-Tier node (web)

VM

Linux

 4

32

100








2500


SAS Metadata

1

Security en control

VM

Linux

 4

16

100




SAS DMA-BI

3

Grid/Compute omgeving

VM

Linux

24

64

150

1000/500



Loadbalancer

1

netscaler









** Geclusterd systeem. Gedeelde disks noodzakelijk
.

Technologie Model – Acceptatie

SAS raad aan Ontwikkel, Test en Acceptatie fysiek gescheiden op te zetten en niet alleen logisch. RWS wil de acceptatieomgeving representatief hebben voor productie. De omgeving zal naar verwachting echter geen verbinding via internet hebben.
Voor de resources sizing is ervan uitgegaan dat de acceptatieomgeving 60% van het volume is van productie
Een 'Physical Model' voor de acceptatieomgeving is hieronder weergegeven (Figuur 5).



Figuur 5: Technologie model voor acceptatie

Details technologie Nodes - Acceptatie

Deze paragraaf beschrijft de details van iedere node en geeft de gewenste configuraties van de hardware aan.
Classificatie Acceptatie: Standaard beschikbaar
Tabel 2: Details technologie nodes acceptatie omgeving

Technologie Node

Aantal Nodes

Functie

Type

OS

#vCPU

vRAM (GB)

Storage in GB








System

saswork

NFS Share

SAS Web-Tier*

1

SAS Middle-tier node (Web)

VM

Linux

4

32

150






700

SAS Metadata

1

Security en control

VM

Linux

4

16

100



SAS DMA-BI

2

Grid/Compute omgeving

VM

Linux

8

64

100

500


Loadbalancer

1

netscaler








*Extra DNS Alias gewenst. Communicatie moet dan verlopen via deze DNS

Technologie Model – Test en Sandbox

Figuur 6: Technologie model voor test en sandbox

Details Technologie Nodes – Test en Sandbox

Deze paragraaf beschrijft de details van iedere node en geeft de gewenste configuraties van de hardware aan.
Classificatie Test en Sandbox: Standaard Beschikbaar
Tabel 3: Details technologie nodes test en sandbox omgevingen

Technologie Node

Aantal Nodes

Functie

Type

OS

#vCPU

vRAM (GB)

Storage in GB








System

saswork

NFS Share

SAS Web-Tier

1

SAS Middle-Tier nodes (web)

VM

Linux

4

32

150






500

SAS Metadata

1

Security en control

VM

Linux

4

16

100



SAS DMA-BI

1

Compute omgeving

VM

Linux

4

64

100

500


SAS Web-Tier (Sandbox)

1

SAS Middle-Tier nodes (web)

VM

Linux

4

32

150






500

SAS Metadata (Sandbox)

1

Security en control

VM

Linux

4

16

100



SAS DMA-BI (Sandbox)

1

Compute omgeving

VM

Linux

8

64

100

100


loadbalancer


2

netscaler









Technologie Model – Ontwikkel

Voor de DMA-BI omgeving is eveneens een ontwikkelomgeving voorzien ten behoeve van de SAS ontwikkelaars die binnen RWS werkzaam zijn. Het volume voor de ontwikkel omgeving wordt begroot op 33 % van het productie volume van de DMA-BI omgeving. Het fysieke model voor de ontwikkelomgeving is hieronder weergegeven (Figuur 7).

Figuur 7: Technologie model voor ontwikkel

Details Technologie Nodes - Ontwikkel

Deze paragraaf beschrijft de details van iedere node en geeft de gewenste configuraties van de hardware aan.
Classificatie Ontwikkel: Standaard beschikbaar
Tabel 4: Details technologie nodes ontwikkel omgeving

Technologie Node

Aantal Nodes

Functie

Type

OS


      • vCPU

vRAM (GB)

Storage in GB








System

saswork

NFS Share

SAS Web-Tier

1

SAS Middle-tier node (Web)

VM

Linux

4

32

150






500

SAS Metadata

1

Security en control

VM

Linux

4

16

100



SAS DMA-BI

1

Compute omgeving

VM

Linux

8

64

100

500


Loadbalancer

1

netscaler










Netwerk Overzicht

Deze paragraaf geeft een overzicht hoe de verschillende componenten van het ontwerp binnen het netwerk worden geplaatst.

 


Figuur 8: Netwerk overzicht voor DMA-BI OTAP

Connectie Technologie Nodes naar CMDB

De benodigde gegevens kan worden gevonden in de CMDB in TopDesk door op S003022 te zoeken in Modules > Nieuw Asset Management > middelenoverzicht.




Netwerk

Load balancers

LB node

Omgeving

Externe naam

Protocol

Poort

LB Principe (RR/LC/AW)

LB stickiness

Probe

Ip?

Productie

https

443

Geen (1 node)

??

??

Ip?

Acceptatie

https

443

Geen (1 node)

??

??

Ip?

Test

https

443

Geen (1 node)

??

??

Ip?

Sandbox

https

443

Geen (1 node)

??

??

Ip?

Ontwikkel

https

443

Geen (1 node)

??

??

Wide Area Networks

Firewalls


#

Bron

Doel

Protocol

Poort

Firewall aanpassing (Ja/Nee)


Omgeving

Technologie Node

Omgeving

Technologie Node




1








Autorisatie en Authenticatie

Veel van de toegang tot de SAS systemen verloopt via de SAS metadata servers. Deze servers hebben een synchronisatie met de RWS active directory
De beveiliging van de SAS omgeving is beschreven: P:\civ\BI\BIR Audit.
De omgeving heeft een BIR compliancy en er is door CIVVV een serie tetst uitgevoerd.
SAS is in principe alleen toegankelijk voor interne gebruikers.
Autorisatie en authenticatie gebeurt tegen de RWS Active Directory. De secure zone heeft geen Active Directory; servers in de secure zone worden achter de centrale ESB geplaatst. Toegang wordt gecontroleerd via de Access Management Reverse proxy. Setup volgt de regels zoals aangegeven in de beveiligingsafspraken.

Release deployments

Voor het BI-Platform is het noodzakelijk dat rapportages en ontsluitingen via Scrum/Sprints kan verlopen. Security patches of wijzigingen op OS niveau moeten via reguliere change verzoeken lopen.
Releases zijn change plichtig en kunnen alleen uitgerold worden naar de volgende omgeving na succesvolle tests en goedkeuring ('technische wasstraat'). Waar mogelijk wordt de release zo veel mogelijk geautomatiseerd.
Voor die automatisering wordt onderscheid gemaakt tussen technische releases van het platform en applicatieve releases van gebruikers. Technische releases (hotfixes en toekomstige in-place upgrades) kunnen worden geautomatiseerd met Ansible. Voor het promoveren van applicaties wordt een oplossing gebouwd waarbij gebruik wordt gemaakt van ANT. Dit geldt overigens alleen voor de DMA-BI omgeving.
https://en.wikipedia.org/wiki/ANT_(network)


Viability Assessment

Dit hoofdstuk beschrijft de bevindingen, risico's een aanbevelingen die het gevolg zijn van een 'viability assessment' . Een bevinding (en eventueel bijbehorend risico) kan alles zijn wat invloed heeft op een (succesvolle) oplevering van de beschreven oplossing, zoals:

  • De mogelijkheid om aan requirements van de oplossing te voldoen
  • De beschikbaarheid van de juiste vaardigheden
  • Het accepteren van de technische elementen van de oplossing door de stakeholders
  • De mogelijkheid om binnen budget te leveren en aan het tijdschema te voldoen
  • Onvoldoende herbruikbare componenten.

Het voorkomen van eventualiteiten en het nemen van beperkende maatregelen vallen onder de verantwoordelijkheid van het project.

Risico's

ID

Bevinding/Risco Beschrijving

Probability (H/M/L)

Effort / Kosten

Impact (H/M/L)

Aanbeveling ter voorkoming of beperking van het risico

Verantwoordelijk

Review Datum

R01

Compute node 1 in productie voor DMA-BI is een single point of failure

M

M

M

Aanbeveling minimaal op infra niveau dan een VMHA in te regelen. Of het aantal servers uitbreiden.
030816: DMA-BI

Solution Architect

03-08-2016










Issues

ID

Beschrijving bevinding/Issue

Prioriteit (H/M/L)

Aangegeven door

Verantwoordelijkheid Issue

Review Datum

Status
(Open, Closed, nieuw risico)








I04

Grid heeft volgens SAS echt een shared filesystem nodig wat RWS (nog) niet heeft. NFS zou niet voldoen.

Antwoord: De gridnodes worden nu (tijdelijk) samengevoegd tot 1 grote server (1 x 3 ipv 3 x 1) waarna de Grid verticaal wordt ingericht.
Sas heeft aangegeven dan een scale out dan relatief simple is uit te voeren wanneer we wel een shared filesystem solution hebben.

UPDATE Q3 2019: Het is gebleken dat ook 3 virtual servers inrichten op 1 systeem niet is gelukt. Er staat dus nu 1 grote node die als Grid machine fungeert. SINGLE POINT OF FAILURE.
Er is echt een GFS oplossing nodig waarbij minimaal 3 servers in een soort cluster kunnen werken (en uitbreidbaar zijn met meerdere nodes indien gewenst). Te nemen actie: Kijken bij de belasting dienst hoe ze dit hebben EN een GFS oplossing van INFRA krijgen (nu eigenlijk al jaren niet beschikbaar vanuit infra).
UPDATE 2023: Er zijn nu 3 aparte GRID nodes waarbij gewerkt wordt zonder shared work location.

110620: ligt bij Infra, komt op roadmap

M

Solution Architect en SAS

Solution Architect in overleg met SAS

03-08-2016

Closed (2023)








I07

Failover is niet ingericht. Er is geen 2e datacentrum beschikbaar waar bij problemen naar toe kan worden geswitcht. Dit houd in dat zodra de productie omgeving down gaat vanwege een storing er geen backup wordt opgestart. Langdurige problemen hebben een evenredig lange downtime tot gevolg.
Alle applicaties die momenteel op het platform draaien zijn niet missie kritisch. Downtime is heel vervelend, maar brengt de operatie niet in gevaar .

L

Lead + Solution architect



Closed (Gaan niet worden gedaan)

I08

Er ontbreekt een innovatie lab / sandbox omgeving voor IVP.
Zo'n omgeving biedt IVP de mogelijkheid om nieuwe functionaliteit in de vorm van fixes of maintenance releases te testen voordat deze wordt uitgerold op de OTAP omgevingen.
Dit heeft als voordeel dat issues niet/minder optreden op de omgevingen die gebruikt worden voor ontwikkeling.

H

Lead + Solution architect

Solution Architect/IVP


Nieuw

Aannames

ID

Beschrijving bevinding/aanname

Confidence Level (H/M/L)

Impact (H/M/L)

Geïdentificeerd door:

Review Datum

Afsluit Datum








A03

De huidige Beheer servers en TAC (terminal) servers kunnen niet worden hergebruikt voor resp. beheer en fat-client toegang voor de nieuwe omgeving. Er komen nieuwe beheer en tac servers in dc1.5

H

L

Solution Architect

03-08-2016



Afhankelijkheden

ID

Beschrijving bevinding/afhankelijkheid

Invloed op planning

Noodzakelijk op datum

Eigenaar

Geassocieerd RisicoID

Sluit Datum

D02







D03







D04







D05









Mirror provenance
Mirror source
confluence/spaces/INFRAARCH/pages/183567939/page.metadata.json
Storage source
confluence/spaces/INFRAARCH/pages/183567939/page.storage.xhtml
Access
Committed snapshot only